Zoals het licht een late foto

Een fotoboek voor weer & wind


dinsdag 23/01/2007
Houtland

Foto en tekst © Paul Rigolle – Houtland - 2007

Alsof men op een dag terug moet zijn van waar men nooit is weggeweest. Alsof iets een uitleg hoeft en elk schrijven alleen een blog aan het been zou zijn. Alsof stilte enkel in het eigen hoofd bestaat. En een ander bij een ander ooit iets anders zoekt dan wat hij alleen maar in zichzelf herkennen kan. Zo wil ik dat het is. Kijken hoe het is. Het aftandse registrerend. Wat verglijdt. Wat valt. Zien en zeggen. De dingen gaan voorbij. Andere houden doodleuk op. Moederbord dat crasht. Scherm dat brokkelt. Korrels laten los. Dakpannen gaan als vliegers op. Blijvend waar ik was, zat ik. In het oog van de storm: een dier dat aan zijn lichtbak hecht. En beweert. Bezweert dat het niets is. Dat het – hoog en zetelend in zijn Houtland - niets is van alles wat vergankelijk is, dat hij hier ooit nog zoeken wil.

Rubriek: Nootboek

(Dinsdag 23/01/2007)


dinsdag 19/09/2006
Je mag al van oker spreken

Foto en tekst © Paul Rigolle – Je mag al van oker spreken - 2006

Herinneringen hebben de neiging om zich uit te breiden. Een steen in de tijd. De kikker in de vergeten vijver. Gerimpel. Het dorp van herkomst is een plaats van herkenning én van vervreemding geworden. Het weer is mooi. Volle zon nog en maar een likje herfst. September. Je mag al van oker spreken. Het is goed om terug te zijn. Tussen het volk sta je, in het volk ga je op. Een cijfer in een trommel. Al hoop je niet dat iemand jou zal uitverkiezen. De jaarlijkse wielerhoogdag is zelden een doel op zich. Enkel een aanleiding. En toch kijkt men reikhalzend uit, staart men, als in een zachte western, naar het opstuivend stof voorbij de Steenbakkerij naar de einder, alsof men iets wil weten wat nog niet geweten is. De afloop van een stuk die vooraf te voorspellen valt. Er wordt gewonnen. Er wordt verloren. Voorbij de aankomst gaat – jong en bloedend - een renner neer.  Op de tribune hoor je begeleidend de sensatie in de stemmen en de harten trillen. Een collectieve schreeuw die meer op hardop zuchten lijkt. Jaarlijks is dit een afspraak die je moet houden. Er zijn cirkels die men, zolang het kan, niet moet onderbreken. Wel wordt de voorraad vaders en vrienden al jaren dunner. De één op reis, de ander druk. Of drukker. Maar geen nood. Aan de bierstalletjes, de boekmakersborden… Aan de drogevissenkramen… Aan elke toog in de laatste cafés van vertrouwen herken je hun jongere versie aan de ogen. De zonen, dat merk je, hebben het overgenomen. En dat is zoals het hoort want ook in een dorp dat verdwijnt moet de toekomst voorgoed verzekerd worden.

Notitie bij Koolskamp Koers, vrijdag 15 september 2006

(Dinsdag 19/09/2006)


zondag 3/09/2006
Altijd van lange adem is

Foto en tekst © Paul Rigolle – Altijd van lange adem is - 2006

Wat valt er te noteren op zo’n doordeweekse zondag! Zo’n koekenbroodzondag als die van altijd en van vandaag. Dat de vroege herfst hier binnentreedt met een korf vol ersatz. Koning Boudewijn die, oewaarde landgenoten,  aankomt in een dorp dat, badend in de fifties zichzelf voor hem heeft aangekleed. Dat herfst nu al op onze hoofden slaat. Met kaftpapier, koersen op het Vrijgeweid en princessenbonen die worden ingelegd… Dat het ook op deze bladzijden langer stil blijft dan wordt gewenst. Dat er, van de dagen: het woord wel nog wat wordt gesprokkeld maar zelden nog volop wordt gestrooid... Juist ja, die bedenkingen kennen we, ze snijden hout. Maar, niet getreurd vrienden, ook hier is de goeie reden nooit verweg. Naar wat nabij is hoeft niet hard gezocht. Achter de schermen, op de vloer en op de grond, tussen de lage stammen… Off the record mag ik, bramen weg,  melding maken van werk dat wordt verzet. Het gonst hier van de bedrijvigheid maar de soort is taai, zoveel taaier dan werd gedroomd. De haast duwt ons hier maar langzaam voort. Het werk deint uit. Het werk wordt groot. Er dient, Varken in de was, nog te worden ontbonden en geslecht. Zoveel moet nog worden opgericht. Bijgevijld. Weggestreept. Of men daarmee geen verwachtingen schept die niet te harden zijn? Misschien, maar bedenk dan maar dat wat geslepen wordt meestal van lange adem is. Er is een structuur voor het boek, een voorzetraam waarachter de nieuwe gedichten staan. Er is een dichter en een Doel. Lapsus paard. Reikwierwijdte. Trotski en Soelaas. Veel laat op zich wachten. Veel kondigt zich alleen maar in de verte aan. Meer valt daar op een zondag als die van altijd en vandaag niet aan toe te voegen. Er is een wet die wordt aanvaard. Dat men – oewaarde landgenoten – over wat men nog maken moet maar beter zwijgt. In de dure spiegeltenten, ja daar wel, mag het lachen ons vergaan. Elders niet. Wie net als ik gaat wonen in een maisland zal later niet komen klagen dat er geen tarwe wordt geteeld.

Vandaag in het dorp en op alle zenders: de Roggebroodfeesten 

(Zondag 3/09/2006)


maandag 28/08/2006
Waar was jij

Foto © Paul Rigolle – Waar was jij - Lappersfortbos - Wat er rest - 2006

"Waar was jij toen het de hoogste tijd geworden was om van het bos te redden 
wat er nog te redden viel?..."
 

(Maandag 28/08/2006)


zaterdag 5/08/2006
Paars

Foto © Paul Rigolle – Paars - 2006

Omdat het niet altijd wennen moet. Omdat er
altijd iets mag overblijven, altijd iets dat niet
gevat wil worden door het oog (van de naald).
Omdat wij, oude kruimels op de godvergeten rok
van het universum, elkaar schots en scheef
bij de leuning van de versleten beeldspraak
van verre, verre bruggen over water, terug
moeten vinden als schimmen van elkaar.

Omdat er af en toe iets nodig is als brood,
iets niet te vervangen is als een handdruk,
iets onontkoombaars dat achterblijft,
zoals alleen een kras kan achterblijven
op het glas van een bril, moet het, ook hier,
zeg ik, in dit luier log af en toe vloeken
als paars en paprika op het tafelkleed
van al onze teruggetrokken dagen.

 

(Uit: “Wat te doen als op een dag zelfs Instant poetry 
de wereld niet meer redden kan”)


© Paul Rigolle

(Zaterdag 5/08/2006)


Vrijdag 28/07/2006
Sous les pavés...

Sous les pavés, il y a la plage...
(al laat het asfalt soms wat moeilijk los...)

Foto © Paul Rigolle – Sous les pavés... 2006

(Vr 28/07/2006)

Dinsdag 20/06/2006
Al het gras van de wereld

Foto © Paul Rigolle – Het park in Volterra - 21/05/2006

(Toscaanse Notities/001)

Baudelo. In het park te zitten! Dekens gerafeld en gespreid. Boven ons, loodrecht, pal, de zon van juni. Iets zeer te vieren hebben! En daarvoor in het lang en in het breed uit te komen! Een kurk dat knalt. Meeneemglaasjes. Van oor tot oor de wereld laten klinken. Met een glimlach van champagne! 

Het park in juni. Studenten in de blok. De rolwagens van zij die minder fortuinlijk waren. Baby’s lopen hun eerste lijnen. Merels wippen uit hun veren. Iemand leest Marquez. Zondagnamiddag. Het ruisen van de kastanjes. Gegons. Stemmen. Lichtheid. Mooie gedachte: het park is overal. In Gent en Albizia. In Volterra. In ons. Het leven raakt ons aan. Overal en op alle plaatsen. 

Languit, in al de parken, in al het gras van de wereld zal ik registreren!

(Dinsdag 20/6/2006)


Vrijdag 14/04/2006
Want niet één is het gevoel 

Foto © Paul Rigolle – Want niet één is ons gevoel - de Queeste – 2004 - 2006
Notitie bij het Ruimtelijk werk van Wouter Pype

Het gevoel… Ik heb het gevoel, zegt iemand, en daar stokt het al. Misschien bij gebrek aan woorden, misschien om de gêne die ons plotseling overvalt nog voor we uitgesproken zijn. Maar zelfs al scharrelen we alles samen en gaan we verder, we spreken ons niet uit. Eerder houden we ons in.

Zo hoor ik het. Zo zegt men dat, meer dan honderd keren op een dag: Ik heb het gevoel dat. Of het gevoel zus. Of mij lijkt het eerder zo. Terwijl, wat jij, het toch ook anders is…

Wat is het wat men bedoelt . Heeft men wel echt een gevoel als men zegt dat men het heeft. En kan het één uit de duizend zijn. Want niet één is ons gevoel. Het bestaat uit meer. Uit veel meer bestaat het. Het versplintert en het komt opnieuw bij elkaar. Op één en hetzelfde ogenblik komt het opnieuw bij elkaar.

Iemand zou ‘ns een spartelende poging moeten doen. Amechtig. Telkens weer iemand zegt “ik heb het gevoel dat” daarvan een foto te nemen! Het vastleggen van sporen op een gezicht. Het afdrukken van de dingen die wij gevoelens noemen en wat wij er ieder afzonderlijk onder verstaan. Iemand zou dat ‘ns moeten doen. Het vastleggen voor het weer verdwijnt. Teder tentakel, gevoelige plaat. De kaart van de wereld getekend door de uiterst vage contouren van alleen maar het gevoel.

Niet één is het gevoel. En daarom kan het gebeuren dat men dagenlang rond kan lopen met het gevoel dat alles een loopje neemt. Dat de feiten een loopje nemen met. Aan de haal gaan. Met jou. Met iedereen. En dat jij ergens in de niets ontziende stoet achterop loopt te hinken hoewel men jou ontziet en er nooit iemand te vinden is die bereid is om voluit en hardop “mankepoot” naar jou te roepen.

Het gevoel te hebben niet vooruit te gaan. Ken je dat? Het is de stilte voor de stormen van april. Het is het geluid van de aarde, de schitterend opengehaalde aarde van april. Het is de voorbode van wat nog moet komen. Het is de glimlach om het onbestemd gevoel dat zich aandient en waarover niettemin niemand spreken kan.

Soms is het goed om te vergeten hoe hard dit leven gaat terwijl we het gevoel hebben niet eens in staat te zijn de hand te kennen waaraan we lopen.

© tekst: Paul Rigolle - "Want niet één is ons gevoel" - Vrijdag 14 april 2006 

(Vrijdag 14/3/2006) 


Vrijdag 17/03/2006
Hnefatafl 

Foto © Jasper Rigole – Aan Zee – 2004 - 2006

Strategie heeft ons als stukken opgesteld. Hoe het langs de lijnen lokt! Met een aangelengde stem leggen ze het voor ons aan. Stokebrand. Met pluggen en gepleng. Over de liefde hebben we het en we kijken weg. De einder in de verte. De Rode Berg in het dal dat naar het Noorden neigt. De inkeer die na de honger komt. We rillen ons te buiten. Lachen om onze volle ernst. We noemen het een spel voor twee. Iets ouds. Iets dat van alle tijden is. Zeven maal zeven. Zeg mij na, mijn Vikingvrouw : morgen schrijf ik jou neder alsof de liefde net zo simpel is als was het Hnefatafl. Vos en kippen. De honden zijn van zilver. Met jou gaan al mijn ikken in de liefde op. Ik kan het zien: om en met jou, en in de taal. In niets dan taal gaat de wereld op. En niemand die later nog iets van ons vernemen zal, nu van het spel de lijnen al voorgoed zijn uitgezet.

Extern:  Hnefatafl bij Wikipedia.

© tekst: Paul Rigolle - " Hnefatafl/Vikingvrouw " - Vrijdag 17 maart 2006 

(Vr 17/03/2006) 



Zondag 26/02/2006
Het volk had wat last...

Foto © Jasper Rigole – Het volk had wat last... 2006

... Het 'volk' had wat last van de vrieskou maar de massa was toch aanwezig, 
al was het maar om eigenhandig de regenboog van Tom te strelen...


foto genomen bij de start van de Omloop het volk 2006

 

Notitie voor zaterdag 25/01/2006:

Philippe Gilbert wint de Omloop Het Volk en Justine Henin-Hardenne klopt Zure Tante Maria Sjarapova in het van geld en dollars rinkelende Dubai. In al zijn cryptonnerie zijn er sportieve hoogdagen waarop een mens alleen maar kan bekennen:  

Ik ben een Waal in het diepst van mijn meest Belgische gedachten.

 

In de rubriek: Cryptonnerie en andere gedachten...

Gepost door Paul R. op
Zo 26/02/2006


 
Zaterdag 25/02/2006
Er zit een Briek in elk van ons

Foto © Paul Rigolle – Er zit een Briek in elk van ons – 2004-2006

 

 

Briek

 




De drinkbus van de flandrien rust
in de houder als in een vuist. Hij zegt
niet veel. Zijn woorden weten beter.
De bluts en de buil is wat hij hebben wil
en heel veel drek en slijk en regen.

Geef hem ballast mee om weg te keilen
op het einde. Geef hem zieletogen.
Kanarieberg of Paddenstraat. Foreest
of Kwaremont. Er zit een Briek in elk
van ons. Elke helling wil hij op. Hij kent

geen mededogen. Hij kreunt en steunt,
houdt niet van acteren. Hij speelt
alleen Zichzelf en telkens weer,

telkens weer is het er over.





© tekst: Paul Rigolle - " Er zit een Briek in elk van ons " - Zaterdag 25 februari 2006  
gepost door Paul R.@ Za 25/02/2006     

Briek, een gedicht n.a.v. de Belgische start van het nieuwe wielerseizoen.

Zaterdag 18/02/2006
Troost heb je in de vingers

Foto © Paul Rigolle – Troost heb je in de vingers – 2004-2006

Alweer een week geleden... De Sint Vedastuskerk is volgelopen. Geprangd tegen de biechtstoel sta je. En met jou staan velen rechtop. Afgeladen vol, de kerk. Je speurt, zoekt, noteert wat ingehouden is en op tal van gezichten lijkt te blijven liggen. Afscheid nemen, rouwen… Herkennen en herkend worden, het hoort niet bij de doden maar bij de levenden. Heel veel moois dat met de letter M begint. Moed, moeder, muze... Je spelt haar naam. Aan jou zullen we denken als aan de huizen van de genade. Psalm 23. Homilie. De pakkende bezinningstekst: ‘Na de verplettering...’ Je drukt de hand die nu alleen verder moet. Troost heb je in de vingers...

De Rijselstraat klimt een beetje, merk je later, als je de kerk bent uitgelopen. Kippenkramen op de zaterdagmarkt. Een kleine stad gelegen aan de grens. De geur van gebraden vlees. Vis, kaas, nylonkousen, messen, kaarsen... In je eentje bij een koffie in Au Damier waar al frans wordt gesproken. Lezend wat op bidprentjes staat weet je het... Alles is waar. Alles gaat voorbij. Een zaterdagochtend bij de grens waar het leven niet of nooit lijkt om te kijken. Hoe schokkend kan het zijn om simpelweg, om dood-gewoon te noteren dat het leven blijft verdergaan. Altijd en overal gaat het leven verder. Later en nadien. Ook in Menen. Na de verplettering...


© tekst: Paul Rigolle - " Troost heb je in de vingers " - Zaterdag 18 februari 2006  

gepost door Paul R.@ Za 18/02/2006     

Donderdag 9/02/2006
In een lus beneden waar het blauw niet eindigt

Foto © Jasper Rigole – In een lus beneden waar het blauw niet eindigt – 2004-2006

Als het er niet was dan vonden we het uit in al zijn tinten: het bleke en het broze… De felle koppijn van het blauw. Zo staat het in het script dat jou hiervoor heeft voorbestemd. Dat je samenvallen moet in de ‘blauwte’. Samen met de schaduwen en de contouren. 

Dat je één moet worden met de val die beschreven staat in hoe je daar moet liggen. Daar in de buurt van de Rode Berg, getuigeheuvel, die nu alleen nog beklommen wordt door fietsers. Camping Kosmos revisited. Net als toen. Geroep, uitbundigheid van kinderstemmen, gejoel in het opspattend water van veel verplichte zomers. Nu verlaten, nu herinnering. En jij die beneden ligt in het voorjaar. 

Zo te liggen als voorbestemd. Alsof de val (en alles wat daar aan vooraf gaat) jou op het tedere lijf geschreven is en het een leugen, een grove leugen is dat de val jou heeft gebroken. 

Het beeld moet sterk zijn. Kalm. Wat moet beklijven verdraagt geen woorden. In jezelf te liggen. Aan Zee. Verfomfaaid. Verdwenen. Weggecijferd. Sommige meisjes zijn gedoemd om niet oud te worden. Briljant als Polly Jean enkele zomers en dan nooit meer. 

Jou op te diepen uit de cirkel van een verhaal dat zich moet sluiten. Rondom jou. Waar jij ligt. In een lus beneden waar het blauw niet eindigt. Tot slot, tot slot van alle beelden.

© tekst: Paul Rigolle - " In een lus beneden waar het blauw niet eindigt " - Donderdag 9 februari 2006  

gepost door Paul R.@ Do 9/02/2006     

Maandag 23/01/2006
In de maandag van de weken

Foto © Paul Rigolle - "In de maandag van de weken" - 2005

Misschien moeten we dit maar zien te klaren, als het dag wordt… Als een nieuwe dag ons komt vervoegen als een werkwoord. Dat we dan zullen opstaan en zeggen: we wandelen weg om nergens aan te komen. Waarheen we maar willen zullen we stranden...

Dat we dan zullen herdenken dat we vrij zijn. Dat we dat eigenlijk achter alles en altijd zouden moeten zijn. Vrij. En in die vrijheid onszelf her uit zouden moeten vinden. Opnieuw. En opnieuw. Van alle streken verwijderd. Van roetvegen op de wangen ontdaan. Kapsones, gretigheid, het offer van de maandag.  

Alles raakt op de duur in de tijd verloren. Alles zal ons hebben. Het roesten en de erosie. Overtrokken worden als een standbeeld dat ongewild wordt vastgelegd maar nooit als zodanig kan zijn bedoeld. Zodoende. En aldus. En opnieuw... In de maandag van de weken.

© tekst en foto: Paul Rigolle - " In de maandag van de weken " - Maandag 23 januari 2006  

gepost door Paul R.@ Ma 23/01/2006

Zo 1/01/2006
Wit als

 Zou het zoiets zijn? Ja, zoiets moet het zijn 
wat wij jou en de jouwen van hieruit wensen...
Wit als een woord - Zondag 1 januari 2006 

Zo 18/12/2005
Deernis van eeuwen ver steekt in hem de glimlach aan 
Het leven is (1)

Foto © Paul Rigolle - "Deernis van eeuwen ver steekt in hem de glimlach aan" - 2005

Graag gaat hij zitten. Hij kijkt hoe de volle maan haar licht over de dingen strijkt. Een lichte gloed op het bevroren gras. Het tuinpad glanst. Verderop de nachtlampen van de wijk waarin de eerste minnaar snurkt en snokt, zich nog 'ns omdraait in zijn slaap. Hij kijkt en zit hier graag. De natte straat wordt niet gedweild. Misschien komt ooit het collectief geheugen van het water nog terug. De vloed die alles wast. Hij hoopt het niet. De tortels zijn verstild. Pré-historie in de zaal. De koffie loopt.   Hij weet wat hier vroeger is geweest. Een dier dat neer ging hurken. Een lichtbak en een streep... Wat kan hem hier en nu het algebra van het web nog schelen, de ijdeltuiterijen, de kuiperijen van een gekwetste trots die gedoemd is om zich aan steeds dezelfde steen te stoten. Iets van meewarigheid daagt op. Deemoed staat op in hem. Deernis van eeuwen ver steekt in hem de glimlach aan. Deernis om de dingen van een bedrijf dat lachwekkend zichzelf te kijken zet. Het is dat het zo moet zijn. Het leven zoals het is: het is geen Gazastrook, geen Petersburg of Nieuw America. Doodgewoon... Het leven is een veld van maanlicht in een winter die maar niet beginnen wil.
© Paul Rigolle - " Deernis van eeuwen ver steekt in hem de glimlach aan " - Zondag 18 december 2005  

Zoals het licht (1) - Zo 18/12/2005

Za 17/12/2005
Zoals het licht een late foto

(Uit 'Falend album')

Zoals het licht een late foto schrijft,
zo had ik jou graag vastgelegd. Maar mijn hand
schrijft klein en foto's vertrouw ik toch al niet.
Ontbreekt steeds iets. Altijd wat dat manker loopt.
Met elke haal en klik raak ik jou toch maar mooier kwijt.

Maar pas verdwenen of reeds denk ik jou terug.
Jij... Jij bent het die de kronen spannen moet
waaronder ik zo graag zwicht. Jij alweer 
die met de deuren van mijn leven slaat,
krassen op mijn diepste negatieven krast.

Waar ik eindig en waar jij daarbij begint?
Weetikveel. In de donkere kamers die ik met jou deel
ontwikkelt menig raadsel zich. Zo herinner ik mij
van het noodweer in mijn droom vaak alleen, dat mijn schip
verging, jawel met man en muis; maar ook dat jouw hand

het was die al die tijd op mijn voorhoofd lag.


Uit "Overal en op alle plaatsen", uitg. Crop&Sla, 1986


© Paul Rigolle - "Zoals het licht een late foto" - Zaterdag 17 december 2005 

 


Homepage Paul Rigolle
Arcadim in Arcadië