Wens


(Too Late Blues 2, 'Vertraagde brieven aan John Cassavetes')

   

Februari was koud dat jaar, een bitter kruid.
De nacht werd een dag, de maan een zon.
Waarom ik jou wou schrijven, de wens dook op
en dat volstond. Ik wou dat het sterk was, dat er
bloed kon stromen. En vrijheid, er moest vrijheid in!
In elke kroeg, in elke straat of staat, ik moest en zou
je schrijven, een bericht, een tover, een complete taal.
Negen keer negen brieven zou ik schrijven,
potsierlijk postuum, absurd, gericht aan een man                 

die ik alleen maar kende van gezicht in al die trage films.
Voor allen die waren en zouden zijn, mijn kamers
voor een paard. Alles liet ik toe, de wildzang, de rimram
ging met mij aan de haal, aan de taal. Ik wou dat het
weerloos was en van waarde, zwak en teer, een plant,
een mening in een man. Open en dicht, sintels
en graven, met de logge pen en zonder wou ik
dat het kwam en ging. Verstild, vertaald,
verstaald wou ik dat het alles was. En niets.

      

                       

                   

          

 

 

© Paul Rigolle

 

Terug

 Gedichten
paulrigolle.blogspot.com

paul rigolle.be