Van het hart een steen  
     
   
     
 
 
 
Poëziecentrum Rigolle, Paul
Uitgever Poeziecentrum vzw - 2009
ISBN 9789056553142
Bindwijze Paperback
Productsoort boek
Verschijningsdatum 23-10-2009
Categorie Poëzie
Leeftijd Volwassenen
Prijs

17,50 €

 
 
 
     
 

Recensie De leeswolf

Paul Rigolle heeft blijkbaar twintig jaar nodig gehad om een nieuwe bundel af te werken. Die lange periode wijst erop dat de dichter niet staat te springen om te publiceren (tenzij er geen uitgever bereid werd gevonden), maar dat hij geduldig vijlt aan zijn teksten. Daarbij besteedt de dichter ook veel aandacht aan de samenhang tussen de afzonderlijke verzen.

Van het hart een steen bestaat dan ook uit een reeks thematisch samenhangende cycli. In de openingsreeks van sonnetachtige gedichten wordt een kaal winterlandschap opgeroepen. In die doodse aanwezigheid verschijnt de mens, als iemand die wacht, zwijgt… Tegelijk is er echter al de lente die zich aandient. Zo wordt het beschreven tafereel tegelijk een meditatie over leven en dood, over schijnen en zijn. De afdeling ‘Coronarografie’ is gewijd aan het hart als symbool van leven en beschrijft, op een concretere wijze dan de openingscyclus de spanning tussen het natuurlijke en het mechanische (waartoe in feite ook de chirurgie behoort).

Andere gedichten zijn dan weer veel theatraler en barokker geconcipieerd en laten een dichter zien die zich bewust is van zijn eigen postmoderne conditie. ‘Too late blues’ bundelt bv. een aantal imaginaire brieven aan Cassavetes. Verzet en de keuze voor een apart bestaan vormen hier de leidraad, maar dat existentiële thema wordt verbreed doordat de dichter doelbewust put uit andere dichters, die hij herhaalt of kritisch herschrijft. Boeiend is daarbij hoe Rigolle Cassavetes in meer dan één opzicht portretteert als een alter ego van zichzelf, en net daardoor de confrontatie des te indringender kan aangaan.

Kortom, uit alles blijkt dat Rigolle erin geslaagd is zichzelf als dichter te overtreffen. Een aantal gedichten verdient alleszins een ruime belangstelling en aandacht. Vooral daaraan heeft het Rigolle in het verleden (en gedeeltelijk onterecht) ontbroken. Van het hart een steen is daarom geen bundel om ongelezen te laten. 

 

[Dirk De Geest]

31/12/2010 - Copyright (c) Vlabin-VBC - bron: De Leeswolf

Vindplaats: http://zoeken.bibliotheek.be/ --> auteur --> Van het hart een steen

 
     
 

Stemmen

In de voorbije weken en maanden lieten zich nog enkele stemmen horen over “Van het hart een steen”. In een uitvoerige en mooie recensie in het tijdschrift Ambrozijn (“Versneden verzen – Spreken is een plicht die zoveel groter is”) zegt dichter-criticus Peter WJ Brouwer ondermeer:
Ikzelf werd als lezer geraakt door het idioom, de ritmiek en beeldspraak die bij Rigolle evenwichtig aanwezig zijn. Daarnaast is er ook een stuk onvervalste romantiek, fraaie landschapsbeschrijvingen, breedsprakerigheid ook en openhartigheid, zaken die beklijven.”

En nog:
"Samenvattend ervaren we in deze bundel hoe Rigolle ons in een omtrekkende beweging deelgenoot maakt van de ‘echte thema’s’. Hij doet dit door middel van originele, talige constructies waarin het treffende woord overheerst, een sober idioom maar raak gebruik van metaforen en een beeldspraak die haar oorsprong vindt in een knappe beheersing van diezelfde taal."

De volledige tekst van de recensie is (in pdf-versie) na te lezen op de site van Peter WJ Brouwer en wel hier.

In VKH-mededelingen komt Hervé J. Casier tot deze slotsom:
"Een speciale leeservaring. Goede bundel. Graag gelezen".
Voor de volledige recensie van Casier verwijs ik naar deze link.

En ouwe gabber van het Middaguur Hugo Verstraeten besluit in Digther nr 3 van jrg. 10 dan weer als volgt:

"De poëzie van Rigolle staat in een literaire traditie. Ze is nieuw zonder nieuwlichterij. Géén geëxalteerd taalgebruik. Taal blijft intact. Bijgevolg géén geëxperimenteer of wat voor deconstructie dan ook. Postzweverige plankspringers lopen best het blokje om. In de bundel ‘van het hart een steen’ is een man aan het woord die aan de rand van rivieren wilde staan en uitzicht heeft." Klik hier voor de volledige recensie.

Blogbericht

 
     
     
 
 
  Do 18/3/2010

Blijven tot het sneeuwt

Bert Bevers schreef over Van het hart een steen onder de noemer "Blijven tot het sneeuwt" een heel mooie recensie. Die staat behalve op een blogspot met “Wenkend vuur”-karakter momenteel ook tussen die van de Geletterde Mensen.

Blogbericht

 
     
 
 
     
 

5-1-10

Gedichten: Paul Rigolle

Rigolle

 

Paul Rigolle (1953) is dichter en schrijver. Redactielid van Digther en medewerker van Veduta en Poëzierapport. Publiceerde eerder de dichtbundels Mond- en Clownzeer (1980), De Hel van het Noorden (1982) en Overal en op alle plaatsen (1986) en de wielerboeken Op de helling (1990) en Vélo-dromen: het wielrennen in de Nederlandse literatuur (i.s.m. Patrick Cornillie, 1991). Onlangs verscheen Van het hart een steen, bij het Poëziecentrum.

1. Wat is uw favoriete gedicht uit deze bundel?

Da’s een moeilijke! Als ik dan toch moet kiezen, ga ik, in deze periode van volle vaten glühwein en andere gelukzaligheiden, voor een ijsgedicht uit de cyclus Winterhart. Het wintergedicht tussen Damme en Brugge misschien. Omwille van het wat sloganeske “Nering krijg de tering”-gevoel en de herinnering aan een kou die helemaal vanuit het Noorden komt.

Krijger (Brugge-Damme en terug)  

Op de oevers zal men wuiven. Water waarover
men lopen kan en dat gestold de beide steden bindt.
Met duizenden komen ze aangewaaid. Levensgroot,
alsof ze zichzelf hebben aangebonden, groeien ze
boven hun schoenen uit. Een bril, de muts diep
over de ogen, oren ingepakt, Winterhart. Niemand
kan hem zien. Wulken, oliebollen, warme wijn.
Nering, krijg de tering. Hou de klapschaats
aan de praat. Zachtjes buigend, een hand op de rug,
heeft hij zich gemengd. Krappe krijger. In het feest
van oude klare slijpt hij krijtwit zichzelf terug,
komt tenslotte voor het donker aan, versluisd,
verdoofd, als een brief in een bus.

(2) Vertel wat u over deze bundel kwijt wilt, in maximaal 200 woorden die niet op de flaptekst mogen voorkomen.

Ik hou wel van het geheel en het opzet van deze bundel. De metafoor van het hart loopt als een kleine rode wichelroede doorheen Van het hart een steen. Ook het gegeven dat het leven veel van deze gedichten in de jaren van hun ontstaan is komen nadoen, en niet omgekeerd, maakt de bundel voor mij speciaal. Het hart zelf sputterde in de loop van de jaren dat de gedichten geschreven zijn, zelfs letterlijk tegen. Als wilde het volop deelnemen aan deze gedichten. In die zin zit in veel van de gedichten in Van het hart een steen een pak “voorzienigheid”.

In de hele eerste versie van Manhattan stonden de Twintowers nog recht terwijl iemand nu in het gedicht naar Manhattan wil als naar het einde van de wereld. In de cyclus Coronarografie was er met het hart nog helemaal niks aan de hand… De taal doet vreemde dingen met een man. Maar uiteraard illustreert zo’n bundel nog het meest hoe je zelf het liefst wil schrijven. Niet bang om onmodieus te klinken. Niet bang om voluit het hoofd (en het hart te bieden) aan wat ik graag noem “De angst voor de ernst”. Want uiteindelijk:

Zwijgen stelt niets voor, spreken is een plicht

die zoveel groter is. De stem blijft een spier om
op te warmen, waarop nog gewacht, wentel weg de steen,
Breng hem naar de stad, besta en zing en ga.

Uit 'Paars'

(3) Welke dichters (of dichter) behoorde(n) bij het schrijven van deze bundel tot uw inspiratiebronnen? Op welke wijze?

Dichters als specifieke inspiratiebronnen? Niet echt. Maar ze kijken natuurlijk wel allemaal mee, de dichters die je in de loop van de jaren meer dan andere blijft lezen en herlezen. Het hele lijstje… Van Pernath, over De Haes tot bij Van Tongele. Via Claus, Hertmans en Ter Balkt tot bij D’haen. Van Wallace Stevens over Pessoa, Brodsky, Eliot tot bij Heaney. De bundel bevat ook een cyclus “Too late Blues” (Al te late brieven aan John Cassavetes). De titel verwijst naar een oude, vergeelde film van Cassavetes en er staan een pak verwijzingen in naar dichters en dingen.

Maar invloeden laten zich uiteraard veelal onbewuster gelden dan je dat vermoedt. Waar ze beginnen valt achteraf meestal niet meer uit te maken. Wat je zelf maakt is meestal een blauwdruk van alles wat je hebt gelezen, gezien, overwogen, uitgekraamd… Waar je op hebt gegokt, waar je van houdt… In de poëzie mag van mij alles. De helderheid van kristal. Podiumgeraas. Rubbish, onzin, platvloersheid… Bergwater … Maar zelf hou ik, zoals al gezegd, nog altijd meer van gedichten die de ernst niet schuwen. En in hun beste momenten een nieuwe draai aan de taal weten te geven.

Het mag wat mij betreft best wat duisterder.. Poëzie is gewoon een kast vol muziekjes die er staat voor de rest van het leven. Van Rilke tot Ramstein. Van Leopold M. Van den Brande tot Springsteen. Van Pergolesi tot Pfeijffer … Mijn enige eigen ambitie is het om daar uiteindelijk af en toe ‘ns en haast ongemerkt een niet onaardige Rigolle tussen te schuiven.

Vindplaats: Drie vragen van De Contrabas  

 

 
     
 
 
 

maandag 23/11/2009

Mannelijke, stoïsche toon

Jef Boven, jarenlang een gewaardeerd poëziecriticus voor het tijdschrift Appel, heeft een mooie (én wel zeer lovende) beschouwing aan “Van het hart een steen” gewijd. Op “Weerwerk”, zijn weblog, zegt hij o.a.In de bundel bewonder ik vooral de harde, mannelijke, stoïsche toon, die een onbedwingbare, alles doordringende tederheid en een hernieuwde openheid voor de wereld niet in de weg staat.” Ook staat er (ik hoef het gelukkig niet zelf te verzinnen) : “Al jaren bewonder ik ook de stijl van de dichter: de zwierige breedte van de volzin, de complexe retoriek, de rijkdom aan vreemdsoortige beelden en klankeffecten, de fijnzinnige ritmiek en de uitgekiende opbouw (zowel van de bundel als van het afzonderlijke gedicht), die alle als een geraamte het vlees van Rigolle's thema’s stutten en schragen. Op dit alles kom ik later terug.”

Ik ben benieuwd!

Hier lees je de volledige beschouwing:
Weerwerk: Een nieuwe bundel van P.Rigolle

Blogbericht 23/11/2009

 
 
 
  Dinsdag 27/10/2009  
  Het hart dat nimmer wijkt

Het is hem gelukt! Philip Hoorne is de allereerste die iets moois weet te vertellen over “Van het hart een steen”. In zijn bespreking Het hart dat nimmer wijkt" die vandaag op Knack/Boekenburen staat heeft hij het ondermeer over sierlijk meanderende poëzie, hart-vochtigheid, een lichte stemverheffing en het hart als menselijke harde schijf. Ook, en dat doet ons uiteraard plezier, komt hij tot de navolgende vaststelling: “Van komma naar komma tot punt bouwen de gedichten zich op in een immer krachtige taal”. 

Hier lees je de volledige recensie.

 
   
Blogbericht Di 27/10/2009
 
 
 
  Zondag 25/10/2009  
 

Welkom in mijn wintertijd

Wat ik vanmorgen zou kunnen zeggen? Dat de maan wassend is vandaag. En 40 % zichtbaar! Dat men hier en op de velden van Emile Claus straks weer bieten rooit. En ja, dat het smuikt, zoals het alleen in het Westen van het wingewest dat ik het mijne noem, kan smuiken. Waarmee ik alleen bedoel dat de motregen zijn of haar intrede alweer niet heeft gemist. Welkom dus in mijn wintertijd! Rum in aantocht, museumweer. Zie, hoe het novembert in oktober. Gisteren deed het dat ook al; gisteren toen ik had kunnen schrijven dat wat volgt voor één dag mijn status was:

P.R. stapte 5,5 kilometer en stond in Ploegsteert 5 kwartier in de motregen naar een scherm te kijken om daarna – o sereniteit - gedurende 2 intense seconden zijn hand op het gelakte hout van een kist te leggen.

Dat en andere dingen zou ik kunnen zeggen hier vanmorgen maar veel liever kom ik nog even terug op die mooie avond van vrijdag laatst. Er was Volk in de Werf. En het was mooi. Het volk én de avond! Willy Tibergien verwelkomde graag ons en iedereen. Frank Pollet deed in vol ornaat en en sourdine wat ik van hem gewoon ben, een hell of a job, wat zeg ik, een perfecte job. En Jef Vandecasteele zette met het werk van de geboren crooner enkele hartverscheurende muzikale punten achter onze frasen die er nog lang mogen blijven staan. Met andere woorden: “Van het hart een steen” is er! Met die schroom voor het definitieve komt het dus ooit nog wel goed. Ik dank en bedank hierbij nog ‘ns uitgebreid. Dit is een onvervalst jui-bericht: De wereld is een dichtbundel rijker! Niks meer. Maar ook niks minder!
 
     
  Blogbericht Zo 25/10/2009  
 
 
  Woensdag 21/10/2009  
 

Het eerste exemplaar

En dan is ie er. Met de post gekomen. Vanuit Gent, hierheen. Al enkele dagen ligt hij naast je, vergezelt je, hult zich in het zwijgen van zijn cover... Bezig al met wat zijn roeping is, zijn opdracht: je niet koud te laten. En evenmin een ander. En dan – daar is het ogenblik al - lees je met andere ogen. Het typoscript enkel nog een herinnering van printpapier die nog wat blijft duren. Je spelt ze uit, de gedichten, je pelt ze af alsof ze van een ander zijn. Soms glimlach je om de herkenning. Soms grimlach je omdat je net iets teveel jezelf herkent. Die ene stem is het waarmee je het moet doen. En er bieden zich al nieuwe mogelijkheden aan. Dingen die misschien toch nog net iets anders hadden gekund. “Stukken van mensen zoeken zichzelf terug” had ook kunnen zijn “Stukken van mensen zoeken hun mens terug”. Maar het is mooi geweest. Je weifelt nog even. En dan is het zover, Van het hart een steen: er staat wat er staat, is wat het is… Zal zijn wat het zal zijn. Je snuffelt en je taxeert; en je besluit om het meteen in de armen te sluiten: het eerste exemplaar!

Blogbericht: Woe 21/10/2009 
 
 
 
  Uitnodiging  
 

 
  

 De auteur en het Poëziecentrum
nodigen u van harte uit op de voorstelling
van de nieuwe dichtbundel van Paul Rigolle

Van het hart een steen

Vrijdag 23 oktober 2009, 20:30 u

De Werf, Werfstraat 108, 8000 Brugge

Frank Pollet leidt in, Paul Rigolle leest
 en Jef Van de Casteele zorgt voor enkele 
hartverscheurende
muzikale tussenkomsten…



 Van het hart een steen is na 23 oktober verkrijgbaar
in de betere boekhandel, on-line of via de uitgeverij Poëziecentrum

www.poeziecentrum.be
- www.dewerf.be 

 
  Blogbericht Vr 2/10/2009  
 
 
 
Foto's

 

Foto’s zijn niet veel. Ik heb er eén die mij dierbaar is: 
Branie houdt zich in de ogen op. Samenzweerder,
sabelslijper, het lijkt op trots die ook mij wel vaker 
parten speelt. Ik verzin de statigheid, de oorsprong 
van het Griekse bloed dat in jouw voorhoofd klopt. 
Graag, hoe graag had ik met jou het glas geheven, 
in Craenenburg, in Manhattan of elders nog,
moezelwijn in een perfecte roemer met groene glans. 
Zie ons zitten met alles wat ons bindt of niet.  

Avondland en ochtendgloed, het verlangen naar 
verre vrouwen, heimwee van bladen naar het boek. 
Het mocht niet zijn, je schreef een brief op het laatst, 
alsof het een schuld was om ziek te zijn. Foto’s 
zijn niet veel, zilverkorrels op papier, je kijkt me aan 
alsof je dan al weet wat het leven met ons moet: 
eerst is er veel, dan mindert het, slinkt het zienderogen. 
Voor je het weet lig je op een foto vast die een ander
in zijn handen houdt opdat niets voorbij zou gaan.




© Paul Rigolle, 2009

Uit de cyclus "Too late blues". Van het hart een steen,
Poëziecentrum 2009

Ook gepubliceerd in Poëziekrant, nr. 5, jrg. 33 - 2009

 

 
     
 
 
     
 

 
 
 
  Voorstelling

Van het hart een steen, de vierde dichtbundel van Paul Rigolle wordt op vrijdag 23 oktober 2009 om 20:30 u. voorgesteld in de Werf in Brugge.

Iedereen nu al welkom!

www.poeziecentrum.be
www.dewerf.be


(Ma 21/09/2009)
 
 
 
     
     
     
 

 Arcadim in Arcadië
Homepage